Banner
| Afdrukken |

Een nieuwe schenk- en erfbelasting?

De tarieven van het schenkings- en successierecht worden door veel mensen als hoog ervaren. Afhankelijk van de aard van verwantschap beginnen deze bij 5 procent en kunnen ze oplopen tot maximaal 68 procent.

Laatst gewijzigd op 1 juli 2008

Nieuwe wet

De hoogte van het tarief wordt enerzijds bepaald door de mate van verwantschap en anderzijds door de hoogte van het geschonken of te erven bedrag. De Staatssecretaris van Financiën is van plan een nieuwe wet in te voeren. Moet u daarop wachten of is het verstandig juist nu een traject van successieplanning in te gaan?

In veel situaties zal bij overlijden van een van de ouders de fiscus om de hoek komen kijken. De fiscus kijkt voor de belastingplicht naar het vermogen dat is aangegeven in de aangifte inkomstenbelasting. Hieruit blijkt namelijk de waarde van de eigen woning en de hoogte van een eventuele hypothecaire schuld. Het overige vermogen blijkt uit de opgave in box 3.

Voorbeeldcasus

Een eenvoudige casus als voorbeeld. Twee ouders met drie kinderen. De ouders zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. Het vermogen van de ouders bestaat uit een woning vrij van hypotheek met een waarde van € 500.000. Daarnaast zijn er nog overige vermogensbestanddelen zoals banksaldi en effecten met een waarde van € 1.000.000. Er is geen testament opgesteld. Bij overlijden van een van de ouders zal een bedrag van € 750.000 vererven. De boedel bedraagt immers € 1.500.000 en de helft hiervan behoort aan de overleden ouder toe. De kinderen en de overgebleven ouder zullen ieder een vierde deel (€ 187.500) hiervan erven. Over dit aandeel is de overgebleven ouder geen successierecht verschuldigd omdat voor de echtgenoot een vrijstelling bestaat van ruim € 500.000.

Voor de kinderen ligt dit anders. Over de hoogte van hun nalatenschap betalen zij 5 tot 19%. Zij dienen over hun aandelen in de nalatenschap elk € 23.317 aan successierecht te betalen. In totaal dus € 69.951. Dit lijkt in eerste instantie nog mee te vallen. Maar hierbij moet bedacht worden dat de kinderen op grond van het huidige erfrecht slechts een vordering krijgen op de langstlevende ouder. Bij het overlijden van de langstlevende ouder is successierecht verschuldigd over de rest van het vermogen. In dat geval is er uiteraard geen sprake van de hoge vrijstelling tussen echtgenoten.

Vooral bij het overlijden van de langstlevende ouder kan het dus voorkomen dat er hoge bedragen aan successierecht verschuldigd zullen zijn. In het bovenstaande voorbeeld zou dan per kind € 47.067 verschuldigd zijn. Dat is in totaal € 141.201. Tezamen met het het successierecht van het eerste overlijden is in totaal       € 211.152 verschuldigd over een vermogen van € 1.500.000.

Besparende mogelijkheden

Er zijn mogelijkheden om minder successierecht te betalen. Ten eerste kan dat via een testament. Er zijn diverse testamentvormen waarbij de vordering die kinderen na het eerste overlijden krijgen sneller (onbelast) aangroeit ten laste van het vermogen van de langstlevende. Eén zo’n mogelijkheid is om de vordering jaarlijks te verhogen met een hoog rentepercentage. Daarnaast kan een schenkingstraject ingezet worden waarbij kleinere bedragen jaarlijks aan de kinderen geschonken worden. Jaarlijks kan men € 4.479 (2008) per kind of eenmalig € 22.379 voor kinderen onder de 35 jaar belasting vrij schenken. Hierdoor krijgt men een matiging van het tarief.

Een andere mogelijkheid is de woning van de ouders aan de kinderen over te dragen zodat de toekomstige waardestijging daarvan ten gunste van de kinderen komt. Soms wordt ook emigratie of een andere constructie via het buitenland overwogen. Uiteraard zijn al deze mogelijkheden sterk afhankelijk van de persoonlijke situatie.

Zicht op nieuwe wetgeving

In dit kader is het overigens interessant om op te merken dat de Staatssecretaris van Financiën, Jan-Kees de Jager, recentelijk plannen bekend heeft gemaakt om tot een nieuwe schenkings- en successiewet te komen. De huidige wet is ruim 150 jaar oud en is in de loop der jaren op allerlei manieren aangepast. Hierdoor is de wet zoals we die nu kennen zeer ingewikkeld geworden. Daarnaast is er vanuit de maatschappij een grote mate van onbegrip voor deze vorm van belastingheffing. Dit komt omdat deze wordt ervaren als een belasting over geld waarover al een keer belasting is betaald. Bovendien ervaart men de tarieven als buitensporig hoog.

De Jager wil met de nieuwe wet bereiken dat deze eenvoudiger wordt en dat de tarieven omlaag kunnen. Verder wil hij ook besparende constructies met het buitenland gaan aanpakken. De opbrengst voor de schatkist van 2 miljard euro mag echter niet worden aangetast. Verlaging van de tarieven kan dus alleen worden bereikt als de grondslag waarover mag worden geheven wordt verbreed. Met andere woorden, een lager percentage maar over een hoger bedrag.

{quotes}Het is nu meer dan ooit het moment!{/quotes}

Niet wachten

Dit laatste betekent niet dat in afwachting van de nieuwe wet een pas op de plaats moet worden gemaakt met een eventuele successieplanning. Het zal nog een aantal jaren duren voordat de nieuwe wet er is. Verder zal de nieuwe wet de huidige besparingsmogelijkheden gaan beperken. Mocht u plannen hebben om een traject van successieplanning in te gaan dan is nu meer dan ooit het moment gekomen om met uw adviseur of notaris te overleggen welke mogelijkheden er in uw situatie zijn.

Tekst: P.J.W. te Witt FB, Avivos CV Accountants Belastingadviseurs

 


Lees ook: