|
||
Zelfstandigenaftrek voor meewerkende echtgenote tandarts |
|
De echtgenote van een tandarts heeft recht op zelfstandigenaftrek omdat de door haar verrichte werkzaamheden in de tandartsenpraktijk voor meer dan 30% bestaan uit niet-ondersteunende werkzaamheden.
Commanditaire vennootschapDe echtgenote werkt samen met haar man, een gediplomeerd tandarts, sinds 1978 in een tandartsenpraktijk. Vanaf 1 januari 1998 wordt de praktijk uitgeoefend in de vorm van een commanditaire vennootschap tussen het echtpaar(beiden beherend vennoot) en een bv. De echtgenote is gerechtigd tot 30% van de winst, haar man tot 65% van de winst en de bv tot 5% van de winst van de commanditaire vennootschap (De commanditaire vennootschap (cv)). TandartsenpraktijkDe praktijk bestaat uit drie onderdelen: een reguliere praktijk, een kliniek voor cosmetische behandelingen en een zogenaamde bleekpraktijk. De echtgenote heeft de leiding over de totale praktijk en verricht deels zelf de bleekbehandelingen. Voor de periode 2001 - 2005 is in geschil of zij terecht aanspraak maakt op de zelfstandigenaftrek. Niet-ondersteunende werkzaamhedenRechtbank Arnhem beslist dat de werkzaamheden van de echtgenote voor meer dan 30% bestaan uit niet-ondersteunende werkzaamheden (Fiscaal voordeel bij man-vrouwfirma). Voor het bleken van tanden is geen beroepskwalificatie vereist, zodat deze werkzaamheden kwalificeren als hoofdwerkzaamheden. Het inwerken door de echtgenote van nieuwe tandartsen en de overige personeelszaken zijn ook aan te merken als hoofdwerkzaamheden. Het maakt niet uit dat de uren die zij hier aan besteedt niet (direct) declarabel zijn. De echtgenote heeft recht op zelfstandigenaftrek. |









