Banner

Inspectie onderzoekt opnieuw bereikbaarheid huisartsen

Inspectie onderzoekt opnieuw bereikbaarheid huisartsen

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) gaat dit jaar opnieuw de bereikbaarheid van huisartsen onderzoeken. Dat schrijft demissionair minister Klink in antwoorden op Kamervragen naar aanleiding van de uitkomst van een meldactie van de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie (NPCF).

De NPCF hield eind vorig jaar een meldactie waaruit bleek dat de openingstijden van de huisarts nog steeds niet toereikend zijn en dat patiënten soms langer dan 24 uur moeten wachten voordat zij bij de huisarts terecht kunnen. Ook geven de patiënten aan problemen te hebben met de telefonische bereikbaarheid van de huisarts. Deze bevindingen sluiten aan bij een onderzoek dat de NPCF samen met de IGZ in 2008 heeft uitgevoerd.

Telefonische bereikbaarheid huisartsen ernstig onder de maat

Uit onderzoek in 2006 van de IGZ bleek dat de telefonische bereikbaarheid van huisartsen ernstig onder de maat was. Klink beaamt in zijn antwoord dat hij vooralsnog geen sterke verbetering ten opzichte van 2006 kan waarnemen. Uit het vervolgonderzoek dat de IGZ dit jaar gaat doen zal moeten blijken in hoeverre dit verbeterd is ten opzichte van 2006. Uit onderzoek dat in opdracht van de LHV is uitgevoerd bleek afgelopen zomer juist het tegenovergestelde.
Vervolgstappen

Klink: “Ik zou het betreuren indien inderdaad blijkt dat er nauwelijks of geen sprake is van een verbetering. Dit tegen de achtergrond dat uit de NPCF-melding blijkt dat bijna de helft van de mensen die het reguliere nummer belt geen contact krijgt met de praktijk binnen twee minuten. Zodra de uitkomsten bekend zijn van de IGZ, zal ik mij beraden of vervolgstappen noodzakelijk zijn.” De minister hoopt dat verzekeraars en zorgaanbieders met elkaar in gesprek gaan om de serviceverlening krachtig op te pakken.

Bron: Medned


Vond u dit ook een interessant artikel?
Volg  anderen en ontvang gratis email updates!



Commentaar (2)Add Comment
0
R.A.L. Baars
april 23, 2010
77.162.1.199
...

Nota bene:
We leven in een zgn. 24 uurs economie. We hebben het nu over de bereikbaarheid van huisartsen, maar er is geen enkele instantie/organisatie waar je tegwnwoordig nog iemand direct aan de lijn krijgt. In het meest gunstige geval loop je tegen een keuzemenu aan waar toevallig jouw keuze niet voorkomt, of/en je krijgt (vervolgens) de mededeling "al onze medewerkers zijn in gesprek, een ogenblik geduld alstublieft" en hangt vervolgens 10/20 minuten aan de lijn, of de gebelde organisatie besluit eenzijdig de verbinding te verbreken met de mededeling "probeert u het later nog eens".
Kortom, de huisarts zijn bereikbaarheid is zeker niet slechter dan de bereikbaarheid van bv. de minister. Maar goed die levert geen zorg.

0
R.A.L. Baars
april 23, 2010
77.162.1.199
...

Dat goede bereikbaarheid van praktijken, zeker in spoedgevallen, van groot belang is is uiteraard een goede zaak. De focus hier op richten ook. Zo ook dat men binnen een redelijke termijn terecht kan bij de huisarts. Maar ondertussen hanteert men hierbij 3 criteria zonder dat men kijkt naar achtergronden en hieraan verbonden personeelbezetting en kosten.
1. Er moet een spoedlijn zijn (aanwezig). Deze moet BINNEN 30 seconden worden aangenomen (prima). NB. Bij ons wordt de spoedlijn slechts een enkele keer gebeld en dan nog veelal onterecht, dus niet spoedeisend maar men kwam niet door op het praktijknummer.
2. Een nieuwe eis lijkt nu te zijn dat men binnen 2 minuten kontakt moet kunnen leggen met het reguliere praktijknummer.
Prima, maar leg mij eens uit hoe een doktersassistente dat moet doen met een patient aan de balie en 1 patient aan de telefoon en dus hierbij ook de overige bellenden binnen 2 minuten te woord moet staan.
3. Patienten moeten binnen 24 uur bij hun huisarts terecht kunnen. Bij onze praktijk denk ik kunnen we daar in de meeste gevallen nog wel aan voldoen, maar soms ook niet. Als de agenda vol is is deze vol en is er alleen uiteraard ruimte voor tussendoorkomende spoedgevallen/visites. Ik ben allang blij, want bij mijn vroegere eigen huisarts mocht ik al blij zijn als ik de volgende week terecht kon, tenzij spoedeisend.

De minister gaat bekijken hoe het met bovenstaande 3 punten gesteld is en zal zich beraden of vevolgstappen noodzakelijk zijn. Daarnaast hoopt hij dat zorgverzekeraars en zorgaanbieders met elkaar in gesprek gaan om de serviceverlening krachtig aan te pakken. Geweldig hoor dit soort krachtdadige taal, maar het moet wel voor hetzelfde geld. Wat zeg ik; nog minder zelfs, een opgelegde korting van 60 miljoen en dreigende komende extra korting van 127 miljoen indien niet doelmatig wordt voorgeschreven, over komende extra bezuiginingen a.g.v. de hervormingsvoorstellen maar te zwijgen). De minister wil van alles maar heeft hier niets voor over, zich verschuilende achter de kredietcrisis en dat ook zorgverleners daar niet aan ontkomen. Prima zal best maar minder geld betekent helaas ook minder service. De goede wil en bedoelingen van huisartsen/zorgverleners ten spijt.

Persoonlijk denk ik dat er een groter plan is op ministerieel niveau tezamen met de zorgverzekeraars en de huisartsen (en andere zorgaanbieders als fysiotherapeuten, apotheken etc.) passen daar niet in. Voor uitvoering van dat grotere plan is het belangrijk om zorgaanbieders in diskrediet te brengen, bv.
> zorgverzekeraars constateren meer onterechte declaraties
> NMa valt binnen bij LHV ivm mogelijk kartelafspraken (laat me niet lachen). Zo er sprake is van kartelafspraken, zijn deze er mogelijk op kleine schaal en op lokaal niveau binnen/rond Hagro's (ga daar dan eens kijken). Een lachertje.
> Bereikbaarheid huisartsen (telefonisch/fysiek,etc.)
> Het RZB bepleit inloopcentra.
Ik weet al waar het naar toe gaat. Gezondheidsfabrieken. Opschalen heet dat onder het motto dat de zorg dichter bij de patient komt. M.i. betekent e.e.a. eerder dat de de zorg niet naar de patient komt maar dat de patient naar de zorg moet.
Elke keer wordt kwaliteit van de zorg aan de patient als argument gebruikt voor dit soort onzalige plannen. De patient wil helemaal geen gezondheidsfabrieken waar deze zich niet meer in herkent, een nummer is en zich niet op zijn gemak voelt. Zorgverleners willen dit ook niet, of zo zij dit willen op beperkte schaal in de vorm van gezondheidscentra.
De enige reden dat de minister en zorgverzekeraars dit willen is geld, geld, macht en macht. Het zijn continu een-tweetjes tussen de ministers van VWS en ZN die elkaar de bal toespelen over de rug van patient en zorgaanbieders.
Zorgaanbieders, zorgverleners! Welnee deze zijn (preferred) suppliers geworden, (toe)leveranciers in gewoon nederlands. Zie hier, dat heet nu marktwerking. De zorgverlener is leverancier geworden (al hij mazzel heeft zelfs preferred/voorkeurs leverancier, jawel). De zorg is een (commercieel) product geworden. De patient is (zorg)consument geworden. Ja het consumentisme viert hoogtij, aangewakkert bij de patient door de minister en zorgverzekeraars.

Maar ik zal het wel verkeerd zien, ik zal wel spoken zien met mijn verborgen agenda, schiet mij maar lek. Leuker kunnen we het niet maken, moeilijker wel. Voor mijn vrouw is de aardigheid er af en op basis van de uitkomsten over 2010 en misschien 2011 beraden wij ons of wij nog wel door willen gaan met onze huisartsenpraktijk. Sterker nog of we nog wel in Nederland willen blijven.

Onze belangenbehartiger de LHV hebben we inmiddels de rug toegekeerd en ons aangesloten bij de VPH. De LHV bedrijft graag Stille Diplomatie, wil graag in gesprek blijven en aan tafel blijven met de minister. Het Haagse pluche bevalt kennenlijk niet alleen politici maar de stoelen van de minister zitten ook voor de LHV kennelijk heel lekker.

Schrijf commentaar
 
  kleiner | groter
 

busy
 


Lees ook: