Bijna twee op de drie huisartsen willen aparte contracten voor de dagzorg en de avond-, nacht- en weekendzorg (ANW-zorg). Dat blijkt uit een enquête van HuisartsVandaag en VPHuisartsen, de vereniging van praktijkhoudende huisartsen.
63 procent van de praktijkhouders wil de mogelijkheid hebben om twee contracten af te sluiten, één voor de zorg overdag en één voor de ANW-zorg. Een derde (32 %) verzet zich tegen zo’n constructie, 5 procent heeft geen mening. Onder de hidha’s (huisartsen in dienst van een huisarts) en de waarnemers ligt het percentage voorstanders lager, maar ook van hen vindt meer dan de helft ontkoppeling een goed idee.
Het sluiten van twee contracten zou het in principe mogelijk maken om geen ANW-contract meer af te sluiten. Een minderheid van 4 procent van de praktijkhouders zou die kans met beide handen aangrijpen, 58 procent is bereid om ook dan ‘onder condities’ diensten te blijven doen, 37 procent weet het nog niet, mogelijk omdat nog niet duidelijk is wat dan precies die condities zijn. Opvallend is ook dat de meeste huisartsen (58%) de herregistratie-eis willen handhaven dat huisartsen jaarlijks 50 uur ANW-diensten doen.
Ontbreken onderhandelingsruimte verzekeraars
De overgrote meerderheid van de huisartsen die vóór ontkoppeling zijn, noemt de toenemende werklast en de hoogte van het ANW-honorarium als belangrijke redenen. In overeenstemming daarmee vindt niet meer dan 4 procent van de praktijkhouders het huidige uurtarief van 65,81 euro genoeg. Een meerderheid neemt genoegen met 100 euro per uur, een minderheid van 34 procent wil meer dan 100 euro per uur ontvangen. Andere argumenten zijn het ontbreken van onderhandelingsruimte met de verzekeraars en de indruk dat ANW-diensten geen authentieke huisartsgeneeskunde meer zijn.
De Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) ziet de 24-uurszorg, inclusief de acute zorg, als een essentieel onderdeel van het vak. Ziet de vereniging in de uitslag van de enquête een reden om er anders over te gaan denken? ‘Wij gaan kijken wat er precies is gevraagd en wat de uitkomsten zijn. En we gaan onderzoeken hoe we die moeten duiden in relatie tot ons inhoudelijke standpunt’, zegt een woordvoerder. ‘Dat standpunt is overigens gebaseerd op dat van de Ledenraad en daarmee van de gezamenlijke huisartsen.’