Banner
| Afdrukken |

De continuïteit van een zorgpraktijk

De continuïteit van een zorgpraktijk

Bestaande zorgpraktijken breiden uit. Meer zorgverleners zijn binnen één praktijk werkzaam. Steeds vaker worden werkzaamheden gedelegeerd aan medewerkers die bepaalde handelingen zélf uitvoeren. Ogenschijnlijk logische stappen, die echter goed overdacht dienen te worden voor wat betreft de voor- en nadelen. Een handreiking.

Door Edwin Brugman

Waarom de medische praktijk uitbreiden?

De redenen die ten grondslag liggen aan de uitbreiding kunnen heel verschillend zijn. Het verlagen van de kosten kan bijvoorbeeld een belangrijk argument vormen om samen te gaan werken met een collega-zorgverlener. Op die manier kunnen bijvoorbeeld de kosten van administratie en receptie worden gedeeld, en kan mogelijk behandelruimte en instrumentarium efficiënter worden benut.

Een dergelijke uitbreiding geschiedt vaak in de vorm van een kostenmaatschap of gewone maatschap. Een andere manier van uitbreiden kan plaatsvinden door de aanname van extra medewerkers aan wie bepaalde handelingen worden gedelegeerd. Delegatie van handelingen aan deze medewerkers levert in eerste instantie méér omzet tegen relatief lagere kosten op en – mochten bepaalde tarieven gaan dalen – is het wellicht dé oplossing om een praktijk rendabel te kunnen blijven exploiteren.

Als de omzet door tariefdalingen omlaag gaat, wordt de noodzaak om de kosten eveneens te verlagen immers groter. Er zijn natuurlijk vele andere redenen te noemen. In het kader van dit artikel ligt de focus bij uitbreiding op vergroting van de omzet. Een praktijk die wordt uitgebreid met als doel de omzet te vergroten kan dat doen door meer zorgverleners aan te trekken, of door het delegeren van taken aan meer personeel. Uiteraard is ook een combinatie van die twee mogelijk. Wat zijn de risico’s van dergelijke stappen eigenlijk?

Waarom delegeren?

Om te beginnen wordt binnen medisch Nederland lang niet altijd positief aangekeken tegen delegatie van taken aan niet-beroepsbeoefenaars, bijvoorbeeld een tandarts die bepaalde zorgtaken delegeert aan een preventieassistente. Door de door de overheid gewenste marktwerking in de zorg is het aannemelijk dat de onderlinge concurrentie toe zal nemen. Praktijken dienen zich te onderscheiden. Een beroepsbeoefenaar die niet delegeert, zal zich mogelijk juist op dát punt profileren, uiteraard ten koste van een beroepsbeoefenaar die dat wel doet. Het is overigens de vraag of daarmee sprake is van een kwalitatief correct onderscheid, maar het zal bij het maken van onderscheid richting patiënt in elk geval óók vaak gaan om communicatie. Een praktijk die inzet op taakdelegatie zal er in elk geval goed aan doen om goed na te denken over de communicatie richting patiënten.

Waarom uitbreiden met zorgverleners?

Het aantrekken van zorgverleners binnen de praktijk is ook niet zonder risico’s. Los van de manier waarop dit gebeurt – wordt een maatschap gevormd, of treden de nieuwe zorgverleners in dienst van de praktijk? – zal sprake moeten zijn van voldoende patiëntenaanbod.

In veel gevallen zal – zeker in de eerstelijnszorg - actief moeten worden gecommuniceerd richting patiënten dat zij welkom zijn. Zodra die patiënten er eenmaal zijn, is het voor de continuïteit van groot belang dat de inmiddels werkzame zorgverleners en het eventueel extra aangetrokken personeel ook daadwerkelijk werkzaam blijven binnen de praktijk. Zeker in die gevallen waarbij de aangetrokken zorgverleners niet tevens eigenaar van de praktijk zijn of worden, geldt dat het risico voor de eigenaar van de praktijk van vertrek van hen reëel is. Juist door het gebrek aan binding is het voor die zorgverleners gemakkelijker om elders te gaan werken. Terwijl bij een grotere binding dat vertrek mogelijk wat minder snel kan plaatsvinden. Het gevolg van het vertrek van zorgverleners heeft negatieve gevolgen voor de continuïteit van de praktijk.

Negatieve gevolgen

De negatieve gevolgen liggen zowel op het vlak van de dienstverlening als op het vlak van de financiën. Om te beginnen is het voor patiënten niet prettig om geconfronteerd te worden met het vertrek van een medicus als daarmee een relatie is opgebouwd. Het is voor een patiënt altijd een momentum waarop een afweging wordt gemaakt of hij of zij nog wel bij de desbetreffende praktijk wenst te komen. Is er inmiddels niet een praktijk dichterbij? Of kan hij of zij misschien met de vertrekkende zorgverlener mee? Kans op verlies van patiënten – uw klanten – is reëel. Een concurrerende praktijk kan daarvan ten volle profiteren. Bovendien kost het vertrek van een zorgverlener geld. Immers, de omzet kan niet op peil blijven zolang er geen goede vervanger is gevonden.

Bewust genomen risico’s

Risico’s behoren tot het ondernemerschap. Dus ook het vertrek van medewerkers – zorgverleners of overige medewerkers – hoort daar bij. Het risico moet echter wel bewust worden genomen. Zo verdient het aanbeveling om eens een begroting te maken voor een aantal scenario’s waarin de zaken wat minder rooskleurig verlopen. Denk daarbij aan:

• tariefsdalingen
• tijdelijke ziekte van één van de personen die direct omzet genereren
• het vertrek van één van hen.

Kan de onderneming in dat soort scenario’s in elk geval enige tijd worden voortgezet? Of is direct al sprake van een groot probleem? De continuïteit van een zorgonderneming kan groot gevaar lopen als de zaken bij uitbreiding tegenvallen. Immers, vaak is er fors geïnvesteerd vanuit het perspectief dat de zaken allemaal wél lopen zoals gehoopt en verwacht.

Bij tegenvallende omzet en winst kan de cashflow wel eens onvoldoende blijken te zijn om bijvoorbeeld de overeengekomen aflossingen te voldoen. De schaalgrootte van een praktijk bepaalt natuurlijk voor een belangrijk deel welke risico’s kunnen worden gelopen. De onrust binnen een kleine praktijk is bij het vertrek van één medewerker natuurlijk veel groter dan de onrust die ontstaat binnen een grote praktijk. Een grotere praktijk geeft meer flexibiliteit voor bijvoorbeeld het sluiten van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd.

Risico’s beperken

Welke maatregelen kan een zorgondernemer nemen om de risico’s die verbonden zijn aan groei zoveel mogelijk te beperken? Regel in elk geval in de arbeidsovereenkomsten van binnen de onderneming belangrijke personen een adequate opzegtermijn. En probeer door een goed personeelsbeleid en een goede communicatie problemen te voorkomen, zodat de kans op conflicten – waardoor een vertrekkende zorgverlener zelfs gedurende de opzegtermijn al niet meer functioneert – zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Praktijk boven zorgverlener

Ook is het belangrijk om de onderneming zélf te profileren, en de werkzame zorgverleners minder. Natuurlijk is de relatie met de patiënt belangrijk, maar de praktijk zou een zo goede organisatie moeten hebben dat altijd sprake is van een goede kwaliteit. En dat kan natuurlijk alleen maar met goede medewerkers. Veel zorgondernemers vergeten die aspecten, en zijn er ook vaak niet voor opgeleid. Het zijn echter wel zaken die onlosmakelijk verbonden zijn aan goed ondernemerschap.


Vond u dit ook een interessant artikel?
Volg  anderen en ontvang gratis email updates!



Commentaar (0)Add Comment
Schrijf commentaar
 
  kleiner | groter
 

busy
 


Lees ook: