Waar bent u trots op als medisch ondernemer en wat kan beter? MO zet een aantal tips en en best cases van medici voor u op een rij, waarmee u direct uw voordeel kunt doen.
Tip! Hoe vaak ziet u uw patiënten? Voer een actief beleid op vervolgafspraken.
Ton van Groeningen, NMT-Dienstverlening
“Onlangs klopte een eigenaar van een tandartspraktijk met vijf behandelstoelen bij ons aan. Hij kreeg financieel zijn bedrijfsvoering niet rond na een aantal grote investeringen die hij had gedaan. Na een analyse van de jaarcijfers en de patiëntenuitdraaien door een adviseur van NMT-Dienstverlening bleek dat een groot deel van de patiënten vrijwel nooit naar de praktijk kwam. Niet heel verwonderlijk, want deze tandarts maakte niet standaard vervolgafspraken en liet ook na om mensen te attenderen op de halfjaarlijkse controleafspraak.
Door actiever in te zetten op de komst van patiënten steeg de omzet van 1.2 miljoen naar 1.5 miljoen. Een bedrag waarvan wij vinden dat dit past bij een praktijk van deze grootte. Verdere omzetgroei is mogelijk, want de tandarts merkt dat zijn initiatieven ook door mensen in de buurt worden opgepikt. Voor hen wordt door verhalen van bestaande patiënten duidelijk dat er nog ruimte is in deze praktijk.
De afdeling Dienstverlening van NMT kan tandartsen bijstaan in specifieke vragen als deze. Adviseurs met een juridische of financieel-economische achtergrond kijken tegen kostprijs naar het probleem. Algemene vragen zijn inbegrepen bij de ledenservice.”
Tip! Volg het HKZ-certificatietraject
Henk Jan Nijenhuis, Move 2 be (fitness, fysiotherapie en diëtetiek)
“Eind vorig jaar zijn wij verhuisd naar een ruimere locatie. Het jaar 2006 stond voor ons in het teken van voorbereidingen om dit mogelijk te maken. Onderdeel daarvan was het doorlopen van het traject om HKZ gecertificeerd te worden. In januari 2006 zijn wij als een van de eersten met HKZ dat in 2005 is ingevoerd, begonnen. Ik kan het iedere eigenaar van een organisatie waar in meer of minder mate onrust is, aanraden.
In tegenstelling tot wat veel mensen denken is het niet de bedoeling dat je heel anders gaat werken. Aanpassen is niet nodig, opschrijven wat je doet wel. Overlegstructuren staan op papier, er is een huishoudelijk reglement en afspraken worden vastgelegd. Voor alles organisatorische zaken zijn er vaste procedures. Het scheelt ons heel veel tijd. Ik heb nieuwe medewerkers bijvoorbeeld binnen een half uur ingewerkt in de organisatie. Onder meer door ze te verwijzen naar onze handboeken waarin alle procedures, maar ook onze bedrijfsfilosofie is vastgelegd.
Om dit handboek te schrijven en ook om ons de goede kant op te sturen heb ik destijds wel een adviesbureau in de arm genomen. Nog steeds zie ik deze adviseurs twee keer per jaar om de puntjes op de i te zetten. Ook van de audits die door de controlerende HKZ-instantie worden uitgevoerd, blijf ik leren. De kritiek is heel opbouwend. Neemt niet weg dat ik best een beetje gespannen ben, want volgende week komen ze weer.”
Tip! Spreid uw investeringen en onderzoek de mogelijkheden van de meewerkbeloning
“Wij krijgen in onze praktijk veel vragen over de planning van investeringen. Het beste is om investeringen daar waar mogelijk te spreiden. Naarmate uw investeringen toenemen, neemt het percentage dat u mag opvoeren als extra investeringsaftrek namelijk af. Zo kan het bijvoorbeeld fiscaal aantrekkelijker zijn om in december 50.000 euro aan investeringen op te voeren en in januari nog een keer 50.000 dan in een jaar 100.000 euro.
Over twee keer 50.000 euro mag u twee keer 21% investeringsaftrek opvoeren. Over 100.000 euro is de investeringsaftrek 12%. Wanneer uw winst in het hoogste belastingtarief valt, bespaart u in dit voorbeeld al snel 4500 euro door investeringen slim te plannen. Spreiden kunt u bijvoorbeeld door behandelstoelen te leasen waarbij het eigendom in meerdere jaren door de leverancier aan u wordt overgedragen.
Een ander goed fiscaal voornemen om naar te kijken is de meewerkbeloning die u als praktijkhouder aan uw partner kunt geven. Bijvoorbeeld omdat de partner achterwacht is voor de telefoon, administratief werk verricht of de praktijk schoonhoudt. De fiscus zal de meewerkbeloning toetsen op zakelijkheid. Dus u moet de vergoeding wel redelijk houden. Aan de andere kant is het niet lastig om voor de fiscus aannemelijk te maken dat uw partner werkzaamheden verricht. Het fiscale voordeel dat de meewerkbeloning oplevert is het grootst wanneer uw inkomen in het hoogste tarief van 52 procent valt en uw partner geen of een lager inkomen heeft en belasting moet afdragen in de schijf van 33.6 procent. In dit geval kan het inzetten van de meewerkbeloning tussen de 1000 en 2000 euro schelen.”
Tip! Laat uw functioneren beoordelen door twee collega’s
Roy Jansen, Sport en Revalidatiecentrum Nieuw Groenendaall
Ons centrum is overgegaan van een VOF naar een BV. We zijn met drie partners nu directeur grootaandeelhouder. Dat betekent echter niet dat wij onze platte structuur willen veranderen. Aan het eind van dit jaar is het weer tijd voor de functioneringsgesprekken en sturen wij een mailtje naar alle 45 medewerkers. Er zijn altijd vrijwilligers die het gesprek over ons functioneren met ons willen aangaan. In theorie zou je denken dat mensen zich geremd voelen, in onze praktijk valt dat heel erg mee. Ik merk als je jezelf kwetsbaar opstelt dat deze gesprekken echte eye-openers kunnen opleveren.
Een concreet voorbeeld: Ik en mijn twee mededirecteuren zijn erg ondernemend ingesteld. Tijdens een functioneringsgesprek stelde een medewerker voor om even te stoppen met het pakken van kansen. We hebben afgesproken drie maanden pas op de plaats te maken om lopende projecten af te ronden. Het heeft geen zin mensen te overvoeren, zeker niet omdat een van onze diensten het voorkomen van ziekteverzuim bij bedrijven is.
Wij hebben fitnessinstructeurs, fysiotherapeuten en een psycholoog in dienst maar ook schoonmakers en administratieve krachten. Iedereen is voor ons even waardevol. Je kunt de beste instructeurs en therapeuten in dienst hebben zolang de wachtkamer er stoffig uitziet, komen de mensen niet terug.”
Case! Laat onderhandelingen met grote partijen over aan een deskundige
Irene Assink, Verloskundigepraktijk Oldenzaal Dinkelland en omstreken.
“In 2001 werden de afdelingen kindergeneeskunde en klinische verloskunde in het ziekenhuis Oldenzaal gesloten. Dit gebeurde buiten onze praktijk van vier verloskundigen om. Er was niet aan ons gedacht. Als oplossing moesten onze cliënten maar naar een ander ziekenhuis in Enschede of Hengelo. Wij zagen wel degelijk een probleem, want voor mensen in de dorpen om Oldenzaal heen zijn deze ziekenhuizen te ver. Aanrijdtijden van vijftig minuten waren geen uitzondering.
Wij hebben onze koepelorganisatie de KNOV benaderd en hen gevraagd ons te helpen. Ik zag toen voor de eerste keer de meerwaarde van een interim adviseur die samen met mij de onderhandelingen voert met de Raad van Bestuur van het ziekenhuis Oldenzaal, de zorgverzekeraar, de gynaecologen en kinderartsen, de inspectie voor volksgezondheid en nog veel meer mensen en instanties. Uiteindelijk hebben we door mediation onder meer bereikt dat in het ziekenhuis kamers zijn gekomen voor verplaatste thuisbevallingen.Een soort kraamhotel. Het voordeel is dat vanaf deze plek het dichts bijzijnde ziekenhuis met gespecialiseerde hulp maar twintig minuten rijden is. Ik weet zeker dat we dit zonder onze professionele onderhandelaar niet voor elkaar hadden gekregen.
Dit jaar heeft het verhaal een staartje gekregen. Het ziekenhuis gaat verbouwen en nu blijkt dat zij nooit geld hebben gekregen voor de kamers voor ons kraamhotel. Zeven jaar later is de vraag ‘wie gaat dit financieren?’ opeens weer actueel. Ik heb nu op eigen initiatief contact gezocht met onze oude adviseur en zij heeft onze zaak weer opgepakt. Het traject loopt nog, maar een eerste resultaat is al binnen gehaald. Het ziekenhuis wilde ons aan het einde van een vleugel op tweehoog plaatsen. Dat is teruggedraaid. We krijgen een mooie plek op de begane grond in de buurt van de huisartsenpost en de spoedeisende hulp.
Met verzekeraar Menzis zijn gesprekken gaande om te kijken wat destijds precies is afgesproken over de financiering. Ook die onderhandelingen lopen nu goed. Om deze zaak vlot te trekken hebben we de adviseur voor 38 uur ingehuurd. Wanneer ze tijd overhoudt mag ze zich namens ons inzetten voor de realisering van een eerstelijnsgezondheidcentrum dat met 20 andere medici van de grond moet komen. De intentieverklaringen zijn getekend, maar voor de rest loopt de besluitvorming erg traag.”
Case! Conflicten in de maatschap? Laat alle betrokkenen feedback geven
“Dit jaar heb ik onder meer geadviseerd in een maatschap waar het behoorlijk rommelde. Mensen hadden moeite met het functioneren van vooral een persoon. Een impulsieve specialist die zo nu en dan op de werkvloer in woede kon uitbarsten. Na een dergelijke eruptie had zij wel vaak spijt, maar het negatieve effect op de verpleging en patiënten was blijvend.
Een aantal mensen waaronder leden van de Raad van Bestuur wilden deze arts weg hebben, anderen wilden haar nog een kans geven. Op dat moment werd ik als adviseur bij het conflict betrokken. Eerst heb ik organisatorisch orde op zaken gesteld. Zo kon onder andere de overlegstructuur beter. In het plan van aanpak voor de zachtere kant, het functioneren van deze maat, heb ik ingezet op een multisource feedbacksysteem voor de hele maatschap. Dat houdt in dat mensen binnen de maatschap zichzelf aan de hand van tien competenties beoordelen. Voorbeelden van competenties zijn stresbestendigheid en organisatorische vaardigheden, maar ook de mate van zelfbeheersing dat onder de competentie ‘samenwerking’ valt. Daarnaast werden de maten ook door collega-specialisten en medewerkers zoals verpleegkundigen en arts-assistenten op hun competenties beoordeeld.
Doordat ik aan het eind van het traject een goede rapportage in handen had met feedback van verschillende kanten begreep de persoon in kwestie dat zij wat aan haar gedrag moest doen. Zij heeft een coach ingeschakeld. Negen maanden later hebben wij nogmaals een beoordelingsronde uitgevoerd. De feedback op het functioneren van deze specialist was een stuk positiever. Daarbij kwamen andere kanten ook meer tot hun recht. Iedereen kreeg opeens oog voor haar innovatieve kwaliteiten.”
Een idee financieren kan verder gaan dan geld geven alleen
Stephan van de Vusse, CenE Bankiers
“Dit voorjaar kwamen wij in contact met Peter de Koning en Oscar Lopez, de drijvende krachten achter Oogziekenhuis Zonnestraal. Dit zelfstandige ziekenhuis is in 2004 opgericht en heeft klinieken in Bilthoven, Doetinchem, Hilversum en Lelystad. Peter en Oscar hebben geïnvesteerd in de logistiek en ICT van de moederorganisatie en daarmee eigenlijk een ‘back bone’ aangelegd voor een ketenorganisatie in heel Nederland.
Samen met Oogziekenhuis Zonnestraal bieden wij een totaalpakket aan. Niet alleen financieren wij de klinieken, wij faciliteren ook oogspecialisten die de stap willen maken van een ziekenhuis naar een vestiging van dit zelfstandige oogziekenhuis. In Doetichem is dit voor het eerst gebeurd. Daar werken nu twee oogartsen in de kliniek die voorheen aan het Slingeland Ziekenhuis waren verbonden. Om deze mogelijkheid bij meer oogartsen onder de aandacht te brengen, zullen we ook samen met het Oogziekenhuis Zonnestraal de marketingcampagne van dit aanbod doen. Als financier steken we dus niet alleen geld in ideeën die ons aanspreken, maar willen we ook meeduwen om ze tot een succes te maken.
Vanzelfsprekend brengt het eigen ondernemerschap voor overstappende oogartsen risico met zich mee. Daar bereiden wij ze op voor. Aan de andere kant kunnen oogartsen zich afvragen hoelang de wachtkamers in de ziekenhuizen gevuld blijven nu de niet-acute oogzorg per 1 januari verder wordt vrijgegeven.”