Tandartsen moeten niet alleen op prijs maar ook op kwaliteit worden beoordeeld. Voor zorgverzekeraars als VGZ telt de bedrijfswinst zwaarder dan de kwaliteit van de mondheelkunde.
Door Peter Gits
De meeste Nederlanders komen regelmatig, vaak meerdere keren per jaar, bij hun tandarts en hebben op deze manier een goede langdurige vertrouwensrelatie met hun tandarts opgebouwd. Uit een onderzoek in 2009 van het NPCF, Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie, blijkt dat een overgroot deel van de bevolking erg tevreden is over zijn tandarts. De tandarts kreeg zelfs gemiddeld een 7,6! De Nederlandse tandheelkunde behoort tot de beste in de wereld.
Het systeem van vrije prijsvorming dat door de minister is goedgekeurd, heeft tot doel om een aantal zaken in de tandheelkunde te vereenvoudigen en verder te verbeteren. Er gaat op prijs geconcurreerd worden. Of de Nederlander daar op zit te wachten is nog maar de vraag. Waar bijna overal geldt 'goedkoop is duurkoop' zou dat ook zomaar eens kunnen gelden in de tandheelkunde. Daarnaast willen tandartsen graag differentiëren op service, innovatie en kwaliteit. Het nieuwe systeem laat daar nu ruimte voor.
VGZ lijkt in deze kwaliteit niet geïnteresseerd. Deze zorgverzekeraar is alleen geïnteresseerd in geld. Waar de gemiddelde tarieven van de aanvullende tandartsverzekeringen vorig jaar al met 14 procent zijn gestegen en de vergoedingen alleen maar verder zijn uitgekleed, probeert VGZ – door breed de media te zoeken – nu ook een wig te drijven in de relatie van de patiënt met zijn tandarts.
Met de stelling dat de tandartskosten per 1 januari met gemiddeld 10 procent zijn gestegen, lijkt VGZ alleen maar een rookgordijn op te trekken voor het uitkleden van de eigen polissen. Deze uitkleding en premieverhoging zijn gedaan onder het mom van een door de zorgverzekeraars verwachte prijsstijging per 1 januari. Op het moment van de premieverhoging waren die tarieven bij lange na niet bekend. Bang voor gezichtsverlies en ter rechtvaardiging van de eigen prijsstijgingen kunnen ze nu moeilijk anders dan stellen dat de door hun voorspelde prijsstijging zich al heeft voorgedaan.
Een experiment dat net begonnen is, dat een zeer ingrijpende wijziging van de opzet van tarieven en samenstelling van prestaties met zich meebrengt, waar tandartsen uren, dagen en weken ter voorbereiding mee bezig zijn geweest en waar de minister drie jaar voor denkt uit te trekken, daar heeft het VGZ na twee dagen al een oordeel over. Tarieven die vorig jaar ook al konden verschillen, afhankelijk van de werkwijze van de tandarts, worden vergeleken met de compleet nieuwe opzet. Ik vind dit beschamend, beschadigend voor de beroepsgroep en een verkeerd signaal naar de bevolking.
De consument is echter niet dom en heeft best in de gaten wat hier speelt. Ik kan me dan ook voorstellen dat verzekerden bij VGZ zich afvragen of zij daar nog wel goed zitten. Het VGZ is namelijk bezig om een van de voordelen van het nieuwe systeem, dat kwaliteitbevorderend kan werken, onderuit te halen.
De beoogde mogelijkheden voor verschil in praktijkvoering worden door de huidige wijze van vergoeden door de zorgverzekeraars belemmerd. En waarvoor? Voor eigen geldelijk gewin! En dat onder het mom van het goed voor te hebben met de verzekerden.
Bestuursvoorzitter M. Duvivier van verzekeringscombinatie UVIT zal in dit kader vast de goedkoopste tandarts proberen te vinden, want volgens VGZ is hij daar immers het beste af.
Daar waar kwaliteit pas op de lange termijn tot uiting komt, kijken zorgverzekeraars niet verder dan hun begroting en de daarbij behorende winstuitkeringen. Nu zo weinig mogelijk uitkeren betekent een beter resultaat voor dit jaar. In het jaarverslag 2010 van UVIT, de coöperatie waaronder VGZ valt, is onder het kopje beloningsbeleid te lezen: 'Het variabele beloningsbeleid van Univé-VGZ-IZA-Trias was in 2010 gebaseerd op kortetermijndoelstellingen'. Het salaris van bijna een half miljoen voor de voorzitter van de raad van bestuur van UVIT is zo dus direct afhankelijk van de betaalde premies (zo hoog mogelijk) en de uitgekeerde vergoedingen (zo weinig mogelijk). Van een Balkenende-norm hebben ze daar kennelijk nog niet gehoord.
Verder zit waarschijnlijk nog wat oud zeer bij de zorgverzekeraars. Waar inmiddels de gehele gezondheidszorg in de greep is van de zorgverzekeraars is dit tot nu toe niet gelukt in de mondzorg. Tandartsen hebben zich tot nu toe niet laten dwingen tot het grootschalig afsluiten van contracten met zorgverzekeraars en zich daardoor onafhankelijk weten op te stellen ten gunste van hun patiënten. Van de huidige tandheelkundige verzekeringen blijft toch 400 miljoen euro hangen bij de zorgverzekeraars. Geld dat eigenlijk ten goede zou moeten komen aan de gebitten van de verzekerden.
En nu proberen de zorgverzekeraars, door de bevolking bang te maken, de Nederlandse tandartsen onder druk te zetten om door goedkope tandheelkunde hun eigen winsten te vergroten. En als schop tegen het zere been heeft onlangs de voorzitter van de NMT (beroepsorganisatie van tandartsen) geadviseerd zeer terughoudend te zijn met het afsluiten van een tandheelkundige verzekering, dit in overleg met de tandarts. Ben dus verstandig als je geeft om je gebit. Laat je niet adviseren door je verzekeringsmaatschappij naar welke tandarts je gaat, maar keer het om en laat je door je tandarts adviseren bij welke verzekeringsmaatschappij je je het beste kunt verzekeren, als dat überhaupt al verstandig is.
Door Peter Gits, voorzitter van de Eindhovense Tandartsen Vereniging.
Auteur: door Peter Gits Tandartsen moet niet alleen op prijs maar ook op kwaliteit worden beoordeeld. Voor zorgverzekeraars als VGZ telt de bedrijfswinst zwaarder dan de kwaliteit van de mondheelkunde.
De meeste Nederlanders komen regelmatig, vaak meerdere keren per jaar, bij hun tandarts en hebben op deze manier een goede langdurige vertrouwensrelatie met hun tandarts opgebouwd. Uit een onderzoek in 2009 van het NPCF, Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie, blijkt dat een overgroot deel van de bevolking erg tevreden is over zijn tandarts. De tandarts kreeg zelfs gemiddeld een 7,6! De Nederlandse tandheelkunde behoort tot de beste in de wereld.
Het systeem van vrije prijsvorming dat door de minister is goedgekeurd, heeft tot doel om een aantal zaken in de tandheelkunde te vereenvoudigen en verder te verbeteren. Er gaat op prijs geconcurreerd worden. Of de Nederlander daar op zit te wachten is nog maar de vraag. Waar bijna overal geldt 'goedkoop is duurkoop' zou dat ook zomaar eens kunnen gelden in de tandheelkunde. Daarnaast willen tandartsen graag differentiëren op service, innovatie en kwaliteit. Het nieuwe systeem laat daar nu ruimte voor.
VGZ lijkt in deze kwaliteit niet geïnteresseerd. Deze zorgverzekeraar is alleen geïnteresseerd in geld. Waar de gemiddelde tarieven van de aanvullende tandartsverzekeringen vorig jaar al met 14 procent zijn gestegen en de vergoedingen alleen maar verder zijn uitgekleed, probeert VGZ – door breed de media te zoeken – nu ook een wig te drijven in de relatie van de patiënt met zijn tandarts.
Met de stelling dat de tandartskosten per 1 januari met gemiddeld 10 procent zijn gestegen, lijkt VGZ alleen maar een rookgordijn op te trekken voor het uitkleden van de eigen polissen. Deze uitkleding en premieverhoging zijn gedaan onder het mom van een door de zorgverzekeraars verwachte prijsstijging per 1 januari. Op het moment van de premieverhoging waren die tarieven bij lange na niet bekend. Bang voor gezichtsverlies en ter rechtvaardiging van de eigen prijsstijgingen kunnen ze nu moeilijk anders dan stellen dat de door hun voorspelde prijsstijging zich al heeft voorgedaan.
Een experiment dat net begonnen is, dat een zeer ingrijpende wijziging van de opzet van tarieven en samenstelling van prestaties met zich meebrengt, waar tandartsen uren, dagen en weken ter voorbereiding mee bezig zijn geweest en waar de minister drie jaar voor denkt uit te trekken, daar heeft het VGZ na twee dagen al een oordeel over. Tarieven die vorig jaar ook al konden verschillen, afhankelijk van de werkwijze van de tandarts, worden vergeleken met de compleet nieuwe opzet. Ik vind dit beschamend, beschadigend voor de beroepsgroep en een verkeerd signaal naar de bevolking.
De consument is echter niet dom en heeft best in de gaten wat hier speelt. Ik kan me dan ook voorstellen dat verzekerden bij VGZ zich afvragen of zij daar nog wel goed zitten. Het VGZ is namelijk bezig om een van de voordelen van het nieuwe systeem, dat kwaliteitbevorderend kan werken, onderuit te halen.
De beoogde mogelijkheden voor verschil in praktijkvoering worden door de huidige wijze van vergoeden door de zorgverzekeraars belemmerd. En waarvoor? Voor eigen geldelijk gewin! En dat onder het mom van het goed voor te hebben met de verzekerden.
Bestuursvoorzitter M. Duvivier van verzekeringscombinatie UVIT zal in dit kader vast de goedkoopste tandarts proberen te vinden, want volgens VGZ is hij daar immers het beste af.
Daar waar kwaliteit pas op de lange termijn tot uiting komt, kijken zorgverzekeraars niet verder dan hun begroting en de daarbij behorende winstuitkeringen. Nu zo weinig mogelijk uitkeren betekent een beter resultaat voor dit jaar. In het jaarverslag 2010 van UVIT, de coöperatie waaronder VGZ valt, is onder het kopje beloningsbeleid te lezen: 'Het variabele beloningsbeleid van Univé-VGZ-IZA-Trias was in 2010 gebaseerd op kortetermijndoelstellingen'. Het salaris van bijna een half miljoen voor de voorzitter van de raad van bestuur van UVIT is zo dus direct afhankelijk van de betaalde premies (zo hoog mogelijk) en de uitgekeerde vergoedingen (zo weinig mogelijk). Van een Balkenende-norm hebben ze daar kennelijk nog niet gehoord.
Verder zit waarschijnlijk nog wat oud zeer bij de zorgverzekeraars. Waar inmiddels de gehele gezondheidszorg in de greep is van de zorgverzekeraars is dit tot nu toe niet gelukt in de mondzorg. Tandartsen hebben zich tot nu toe niet laten dwingen tot het grootschalig afsluiten van contracten met zorgverzekeraars en zich daardoor onafhankelijk weten op te stellen ten gunste van hun patiënten. Van de huidige tandheelkundige verzekeringen blijft toch 400 miljoen euro hangen bij de zorgverzekeraars. Geld dat eigenlijk ten goede zou moeten komen aan de gebitten van de verzekerden. En nu proberen de zorgverzekeraars, door de bevolking bang te maken, de Nederlandse tandartsen onder druk te zetten om door goedkope tandheelkunde hun eigen winsten te vergroten. En als schop tegen het zere been heeft onlangs de voorzitter van de NMT (beroepsorganisatie van tandartsen) geadviseerd zeer terughoudend te zijn met het afsluiten van een tandheelkundige verzekering, dit in overleg met de tandarts. Ben dus verstandig als je geeft om je gebit. Laat je niet adviseren door je verzekeringsmaatschappij naar welke tandarts je gaat, maar keer het om en laat je door je tandarts adviseren bij welke verzekeringsmaatschappij je je het beste kunt verzekeren, als dat überhaupt al verstandig is.
Door Peter Gits, voorzitter van de Eindhovense Tandartsen Vereniging.
Heel goed stuk hoor. Grappig hoe een verzekering uiteindelijk een woekerpolis kan worden. Zo maar een extra gedachte in deze discussie. 400 miljoen verdiend aan de tandheelkunde met maar een totale omzet in de Mondzorg van 2,7 miljard. Hierdoor is de tandheelkunde opeens voor alle mensen in Nederland 3,1 miljard gaan kosten. Daardoor is onze samenleving 14,8% meer kwijt. Ik heb drie jaar gewerkt in Nieuw-Zeeland waar al heel lang vrije tarieven zijn. De mensen daar lachten bij de gedachte om de tandarts te verzekeren. Je verzekert je om risico's af te dekken die je financieel niet kunt dragen zoals een hartinfarct of een huisbrand. Misschien is het in Nederland tijd om een verzeking af te sluiten voor het onderhoud aan je auto of een verzekering voor de kapper. Als het aan de verzekeraars ligt natuurlijk liever vandaag dan morgen.
Richard van Griethuysen
januari 12, 2012
81.206.207.158
...
beste peter,zou zeggen hear hear een fantastisch goed onderbouwd repliek naar de de zorgafbrekers, je geeft perfect weer waar de nederlandse tandartsen mee bezig zijn chapeau
Gerard Visser
januari 12, 2012
77.166.0.138
...
Uitstekend verhaal van een tandarts/verenigingskaderlid dat een paar jaar geleden nooit geschreven zou zijn. De NMT was nooit de partij van de stevige aanpak (meer van het slappe handje), maar met de vrije tarieven is er ook een nieuw bewustzijn onder de tandartsen ontstaan. Wellicht komt er nu een eind aan de morele chantage waar tandartsen jaren aan blootgesteld zijn geweest en hebben toegegeven. Een brede, gerichte aanpak van verzekeraars die de tandartsen al jaren hebben trachten te knechten is thans aan de orde. De tandartsen bereiken nu, via hun websites en wachtkamers een breed publiek. Wellicht leren zij daar nu ook nuttig PR-gebruik van te maken. Misschien komt dan de dag dat VGZ en haar competitie, komen vragen of zij alsjeblieft tandheelkunde mogen verzekeren tegen voorwaarden die door tandartsen worden vastgesteld.
Michiel
januari 12, 2012
80.60.51.197
...
Hehe, goed stukje hoor, maar als we nou echt ballen hebben weigeren we VGZ verzekerden. En dan uiteraard alleen nieuwe patienten.
Ik doe mee.
Leo van Lier
januari 12, 2012
212.61.232.219
...
De spijker op z'n kop! En van het nieuws van vandaag worden we ook niet vrolijk, beperkingen van vergoedingen in het basispakket door oa VGZ Achmea en CZ. Wat zegt de NMA hiervan? Wat zegt een minister hiervan? Wordt het al tijd voor de ombudsman, die neutraal kan beoordelen of dit mag? Hulde Peter voor dit artikel!
Lukas
januari 12, 2012
82.72.38.128
...
Zeer goede analyse! Iets voor de media :)
martin arts
januari 12, 2012
86.92.0.220
...
Als Schippers echt bezuinigen wil in de mondzorg, dan moet ze het oude systeem van de saneringskaart van stal halen (en dit niet alleen in de mondzorg) Er dient dan wel een nationaal systeem van "verzekering" te komen beheert door de overheid, geen op winst beluste directeuren met bonussen afhankelijk van bedrijfsresultaat, geen dure gebouwen en vegaderingen. Preventie voorop en alleen vergoeding als de cliënt zich inzet voor eigen zorg. De verantwoordelijkhied bij de patient en niet bij de portemonnee van de verzekeraar (of zorgverlener) Maar wel beloning naar inspanning, de beste tandarts is hij/zij die niet hoeft te boren omdat zijn patienten hun gebit zo goed onderhouden dat boren niet nodig is.
Theo Peerdeman
januari 12, 2012
83.82.97.166
...
Peter, ik ben trots op je ! Eindelijk iemand die de moeite heeft genomen om deze kwalijke kwestie eens helder en compleet te verwoorden; dit is wat we nodig hebben ! Mag ik je epistel op mijn site publiceren ?
Heeft u de tarieven bijna klaar? Of nog niet gepubliceerd? Kijk dan eerst in het ‘Onderzoek tarieven Mondzorg 2012’
Ontdek hoe uw tarief staat ten opzichte van uw verzekeraar.
Ontdek hoe uw tarief staat ten opzichte van het gemiddelde van alle verzekeraars.
Ontdek hoe uw tarief staat ten opzichte van uw collegae.
Ontdek of u behoort tot de 50%, 80% of 90% duurste tandartsen van Nederland.
Inclusief GRATIS update!
Ontvang voor slechts 47,50 euro (ex BTW) het ‘Onderzoek tarieven Mondzorg 2012’ en u weet precies waar u staat. Ten opzichte van uw collega’s èn de zorgverzekeraars!