VvAA-adviseurs over praktijkstart in de fysiotherapie: ‘Bewust ondernemerschap is actueler dan ooit’
Brigitte Vogels: 'In het huidige bekostigingsmodel is geen ruimte voor preventie of om buiten de lijntjes te kleuren. Beide keuzes vragen dus om meer bewust ondernemerschap.' (Foto: VvAA)
Een eigen fysiotherapiepraktijk beginnen is misschien spannender dan vroeger, maar het kan nog steeds, stellen Brigitte Vogels en Erik van Dam van VvAA. In hun adviespraktijk zien ze starters vooral instappen in een bestaande praktijk of maatschap. Een praktijk vanaf nul opbouwen zien ze nog zelden. Dit interview is deel 2 uit een serie over 'een eigen praktijk starten' in de fysiotherapie.
Brigitte Vogels is ondernemersadviseur en manager van VvAA Ondernemersadvies. Ze begeleidt vooral fysiotherapeuten en huisartsen bij de aan- en verkoop van hun praktijk, bij fusies en de ontvlechting van maatschappen. Ook begeleiding tijdens de rit, gedurende de praktijkvoering, zit in het adviespakket.
Erik van Dam is senior adviseur Kennismanagement bij VvAA en werkte eerder onder meer bij beroepsorganisatie KNGF. VvAA organiseert samen met het KNGF een Startersdag voor fysiotherapeuten die praktijkhouder willen worden. Vorig jaar gaven de deelnemers de dag een 8,9; dit jaar werd de Startersdag afgeblazen vanwege achterblijvende aanmeldingen.
Van Dam vraagt zich af of starters de stap nog zo snel aandurven. ‘Misschien is het spannender dan vroeger, gezien de tarieven, personeelstekorten en de regeldruk. Ik heb veel contact met zzp’ers en die horen praktijkhouders vaak zuchten. Al dan niet terecht, maar het maakt dat er een drempel ontstaat om praktijkhouder te worden. Toch is onze stelling dat het in deze tijd nog zeker moet kunnen. Anders zouden we zo’n dag ook niet organiseren.’
‘Een opvolger komt bijna altijd van binnenuit’
Volgens Vogels is de keus voor het praktijkhouderschap nog altijd interessant. ‘Door de schaalvergroting zijn bestaande praktijken meer op overname van andere praktijken gericht. Maar we hebben ook jongere kopers die willen instappen in een maatschap of zelf een praktijk overnemen. Een compleet koude start, zelf beginnen met een nulpraktijk, zien we in de fysiotherapie niet meer zo vaak. Je moet dan een geschikte ruimte vinden, zorgen voor de inrichting daarvan en bij de bank werkkapitaal krijgen. Wat we vooral zien, zijn overnames waarbij de opvolging van binnenuit komt.’
Wie net van de opleiding komt, begint vrijwel nooit meteen een eigen praktijk. ‘Ik heb zelden of nooit iemand gehad die net van de opleiding kwam en dacht: ik word praktijkhouder. Ze gaan vaak eerst in loondienst of willen als zzp’er ervaring opdoen. Als ze een plek gevonden hebben binnen een praktijk, zie je wel vaak dat de ambitie bij jongeren groeit. De kans om door te stromen en een praktijk over te nemen bestaat nog altijd. Wat mij opvalt is dat het vaak manueel therapeuten zijn die praktijkhouder willen worden.’
‘Als je met maten een praktijk runt kun je taken verdelen’
Het aantal kleine praktijken is nog altijd groot. Volgens het CBS telde de fysiotherapie begin 2026 10.405 praktijken. Daarvan zijn 7.185 vestigingen met één werkzame persoon, zzp’ers inbegrepen. Eenpitters die ondernemersadvies zoeken komen niet altijd bij de VvAA terecht, constateert Vogels.
‘We komen de solopraktijkhouders weinig tegen, hoewel ze goede omzetten kunnen draaien van ongeveer een ton. Maar bij een overdracht zijn het lastige praktijken, omdat de patiënten vaak aan de persoon van de zorgverlener gebonden zijn. Solopraktijken die worden overgenomen, gaan nu bijna altijd naar een andere, grotere, praktijk. Tegelijk zien we wel praktijkhouders met een grotere praktijk met veel meer omzet, die geen maat naast zich willen. Vaak hebben ze een praktijkmanager, en dat zie je steeds meer opkomen in de fysiotherapie.’
Van Dam ziet veel kansen voor maten die samenwerken binnen een grotere maatschap. ‘Mijn standaardverhaal is: als je met elkaar iets groters opzet of overneemt, kun je taken verdelen. Er is altijd iemand die meer affiniteit heeft met de bedrijfsvoering of personeelszaken. Dan kun jij je richten op wat die ander minder goed kan of minder leuk vindt. Dat is de synergie in de samenwerking.’
‘Een overname vergt visie en regie’
Een praktijkovername vraagt vaak een lange aanloop en goede regie, merkt Vogels. ‘Wat je vaak ziet, is dat een praktijkhouder zegt: ik heb zes man personeel, dus ik zie zes opvolgers. En die vraagt vrolijk aan alle zes of ze willen overnemen. Dat is een romantisch idee, maar het verzandt omdat Jantje niet wil met Pietje en Pietje niet met Klaasje. Spreek er liever één of twee en vraag hen: zou je de praktijk kunnen en willen overnemen en met wie zou je dat willen doen? Dan houd je meer de regie.’
Starters en stoppers krijgen van Vogels beiden hetzelfde advies: begin op tijd met oriënteren. ‘We willen dat zaadje op tijd planten. Zo’n overnameproces gaat dan vaak sneller en de ideeën die mensen erover ontwikkelen zijn vaak realistischer.’ Van Dam: ‘Dat is ook een kernonderdeel van de Startersdag. Pak het stapsgewijs aan en denk goed na over wat je kunt en wat je wilt.’
‘Personeelsverloop is ingrijpend’
Personeelswisselingen maken praktijken tegenwoordig kwetsbaar, constateren Vogels en Van Dam. ‘Praktijken kunnen een flinke omzetdaling incasseren als er twee of drie mensen tegelijk vertrekken. Het lukt eigenlijk altijd om dat te herstellen, maar stress neemt toe, omdat ze minder makkelijk aan personeel komen. Vooral als een manueel therapeut, bekkenfysiotherapeut of geriatriefysiotherapeut vertrekt, heeft een praktijk daar veel last van.’
Ook praktijken in de kinderfysiotherapie blijken meer kwetsbaar. ‘Kinderfysiotherapeuten hebben een hoger tarief, maar hebben meer tijd nodig voor hun patiënten. Daarmee hebben ze in feite dus juist een lager tarief. Bovendien is de bezettingsgraad vaak vrij laag. Je vaste kosten lopen wel door, dus dat doet direct wat met je marge.’
‘Blijf trouw aan je eigen visie’
Steeds meer praktijken zoeken nevenactiviteiten, zoals fitness of leefstijl. Vogels kent een fysiotherapeut die zijn fitnessafdeling bewust gescheiden houdt van zijn fysiopraktijk. ‘Hij zegt: als ik mijn verdienmodel op die manier opkrik, heeft de zorgverzekeraar nog minder noodzaak om mijn tarieven te verhogen.’ Ze ziet ook veel navolging bij andere praktijken. ‘Wat we in de markt zien: als iedereen een egym begint, willen wij ook een egym. En dat moet dan volgende maand geregeld zijn.’
Terwijl praktijken die op specialismen focussen, soms ook tegen de klippen op kunnen groeien, constateert ze. ‘Die praktijkhouders gaan niet met iedere trend mee en selecteren hun personeel eerder op hun eigen visie. Als praktijken heel groot worden, kunnen ze ook met managementproblemen te maken krijgen. Daar moet je dan wel een visie op hebben. Als je plotseling van twee naar zes vestigingen gaat, heb je een probleem.’
Veel praktijkhouders laten zich volgens Vogels leiden door de waan van de dag en staan te weinig stil bij de lange termijn. ‘Ik zeg vaak: als je het jaarrapport krijgt, ga dan eens met elkaar vergaderen om het door te nemen en leg je maatschapscontract ernaast. Klopt alles nog? Ga daarna lekker met het team uit eten of combineer het met een heidag om naar de toekomst te kijken. Dan investeer je anderhalve dag in elkaar.’
‘Praktijk ook runnen met verzekerde zorg’
Van Dam vindt dat praktijken zich niet gedwongen moeten voelen zich met allerlei nevenactiviteiten bezig te houden. ‘Het moet mogelijk zijn en blijven om alleen met al dan niet verzekerde zorg een praktijk te voeren. Je moet niet allerlei btw-belaste nevenactiviteiten hoeven doen om je hoofd boven water te houden.’
Vogels: ‘Je kunt nu ook succesvol zijn met gecontracteerde zorg, alleen moet je dan wel volume draaien. In het huidige bekostigingsmodel is geen ruimte voor preventie of om buiten de lijntjes te kleuren. Beide keuzes vragen dus om meer bewust ondernemerschap. Dat is lang onderbelicht gebleven in de fysiotherapie, maar is actueler dan ooit.’
Dit is een voorpublicatie uit de nieuwe editie van MedischOndernemen die binnenkort verschijnt. Zie ook: Kinderfysio Sandra Ubink wordt zelf praktijkhouder
KNGF en VvAA organiseren nieuwe Startersdag op 17 april 2027
Op zaterdag 17 april 2027 organiseren KNGF en VvAA opnieuw de Startersdag voor (toekomstige) praktijkhouders. Meer informatie en aanmelden kan binnenkort via www.kngf.nl en www.vvaa.nl.
In het kort: vijf adviezen van Brigitte Vogels en Erik van Dam voor startende praktijkhouders:
1. Doe eerst werkervaring op
2. Stap in bij een bestaande praktijk of maatschap
3. Oriënteer op tijd en stap voor stap
4. Zoek maten en verdeel de taken
5. Blijf trouw aan je eigen visie
Meer artikelen met dit thema
KNGF en SKF gaan samen: groeit de fysiotherapie over zijn ‘dertigerscrisis’ heen?
4 minKNGF en SKF hebben afgelopen week besloten over hun schaduw heen te stappen en samen te gaan. Nu is de grote…
Kinderfysio Sandra Ubink wordt zelf praktijkhouder: 'Ik kan nu veel meer mijn creativiteit kwijt'
5 minJuist als ondernemer wil kinderfysiotherapeut Sandra Ubink laten zien wat haar vak te bieden heeft. Terwijl…
Zorgverlener 5.0 komt eraan. Maar waar sta jezelf?
5 minDe Zorgverlener 5.0 is geen ver-van-mijn-bed-show meer, schrijft Eveline Bosselaar. De focus van bijvoorbeeld…
Vertragen, sudderen, opruimen – op zoek naar een nieuw perspectief
4 minPats boem: een hoger tarief. Hocus pocus: minder administratie. Sim sala bim: een passende carrière. Een quick…
Jeroen Boogmans en de prijs van minder doen: 'Ik werk misschien aan mijn eigen faillissement'
8 min‘Als ik eerlijk ben, denk ik dat mensen vaak te snel naar de fysio gaan. Er wordt misschien wel te veel…
Paul Koning (OurMind): ‘We gaan eerste lijn, tweede lijn en sociaal domein met elkaar verbinden’
5 minOurMind – ‘de AI-collega van huisartsen en specialisten’ – ontvangt een investering van 2,1 miljoen euro om de…
Neem de regie terug als fysio: wat is je 'locus of control'?
5 minDe fysiotherapeut die zijn regie terugpakt, doet dat als een bewuste professionele keuze. Misschien start deze…
Tandarts Poeya Mohtadili: 'De zorgondernemer is een mens, met verveling, zingeving en energie'
5 minDe tandartspraktijk ondergaat een stille transformatie, stelt tandarts-praktijkhouder Poeya Mohtadili. Waar…

Reactie toevoegen