Huisartsenorganisaties kondigen nieuwe juridische stappen aan tegen NZa

timer 5 min

De afgelopen maanden werkten LHV, VPH en De Bevlogen Huisartsen mee aan de herbeoordeling van het tariefbesluit, met eigen voorstellen en alternatieven. Toch laat de NZa de bestaande tariefsystematiek grotendeels in stand. (Foto: Shutterstock)

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) houdt in haar definitieve tariefbesluit voor de huisartsenzorg vast aan de bestaande rekenmethode. De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen en vereniging De Bevlogen Huisartsen kondigen aan de gang naar de rechter voort te zetten. Volgens de organisaties doet het besluit, gepubliceerd op 30 juni, geen recht aan de eerdere uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb).

Het CBb oordeelde op 18 november 2025 dat de NZa onvoldoende had onderbouwd dat de tarieven voor 2023, 2024 en 2025 kostendekkend zijn. De rechter droeg de NZa op de besluiten opnieuw te beoordelen en de voorstellen van de huisartsen daarbij serieus mee te wegen. Rechtspraak.nl riep de zaak, aangespannen door De Bevlogen Huisartsen, uit tot een van de tien meest spraakmakende zaken van 2025.

Ruim 60 miljoen per jaar extra voor huisvesting

De maximumtarieven voor de huisartsenzorg stijgen in 2025 en 2026 met gemiddeld 2,2 procent per jaar, meldt NZa (zie: Herbeoordeling maximumtarieven huisartsenzorg 2025, 30 juni 2026). Daarmee krijgen huisartsen vanaf 2025 jaarlijks 60 tot 70 miljoen euro extra om te investeren in huisvesting, omgerekend zo'n 10.790 euro per gemiddelde praktijk.

De vergoeding voor huisvesting stijgt met 35 procent, op basis van onderzoek waarin TNO de kosten van adequate huisvesting in kaart bracht, uitgaande van de bouwnormen die de LHV zelf opstelde. Daarnaast kunnen huisartsen afspraken op maat maken met zorgverzekeraars. De mogelijkheden hiervoor worden na de zomer verruimd, zoals afgesproken in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). De NZa nam voor het nieuwe besluit meer tijd dan de rechter had opgedragen: de termijn liep tot 18 mei. 'De extra tijd is nodig om zorgvuldig onderzoek te doen en voorstellen van huisartsen te beoordelen om zo te komen tot een goed onderbouwd besluit', verklaarde de NZa hierover.

LHV: 'De rechter gaf de NZa een duidelijke opdracht'

De LHV noemt het nieuwe besluit een grote teleurstelling. De afgelopen maanden werkten LHV, VPH en De Bevlogen Huisartsen mee aan de herbeoordeling, met eigen voorstellen en alternatieven. Toch laat de NZa de bestaande systematiek grotendeels in stand: de onderbouwing wordt op onderdelen uitgebreider, maar de uitkomst verandert nauwelijks.

'De rechter gaf de NZa een duidelijke opdracht,' zegt LHV-voorzitter Marjolein Tasche. 'Wij hadden verwacht dat de NZa deze kans zou benutten om de tarieven eerlijker en toekomstbestendig te maken. We hebben er alles aan gedaan om ze daartoe te bewegen. Dat is een grote teleurstelling voor ons en voor alle huisartsen.' (Zie: NZa neemt onbegrijpelijk besluit over de tarieven, 30 juni 2026) 

'Werkweek van 36 uur geen juiste maatstaf'

De bezwaren van de LHV richten zich op drie punten. Ten eerste blijft de NZa de praktijkhoudend huisarts vergelijken met werknemers in cao's met een 36-urige werkweek, zonder correctie voor de extra uren die praktijkhouders maken. Daarmee blijft de rol van de huisarts als ondernemer, werkgever en poortwachter ondergewaardeerd, terwijl de rechter die poortwachtersrol juist een spilfunctie in de Nederlandse gezondheidszorg noemde.

Daarnaast telt de werkelijke arbeidsinzet niet mee in de tariefberekening. Huisartsen die structureel meer werken dan 36 uur per week en 46 weken per jaar, krijgen daarvoor geen extra waardering; wie minder werkt, telt wel naar beneden mee. Volgens onderzoek van Nivel werken praktijkhouders gemiddeld 53 uur per week.

Op het derde punt, de huisvestingskosten, zet de NZa wel een stap: de tariefstijging geldt met terugwerkende kracht vanaf 2025. Toch vindt de LHV het herstel onvolledig: de NZa vergoedt slechts een deel van de extra kosten via de basistarieven (Segment 1) en verwijst voor de rest naar zorggroepen en zorgverzekeraars. Praktijkhouders blijven daardoor afhankelijk van afspraken met andere partijen, terwijl juist de NZa-tarieven kostendekkend hadden moeten worden.

'Onbegrijpelijk dat NZa vasthoudt aan eerdere lijn'

De LHV bereidt juridische vervolgstappen voor om uitvoering van de CBb-uitspraak af te dwingen. Tegelijk blijft de vereniging werken aan een nieuwe bekostigingssystematiek, in overleg met VWS, de politiek en andere zorgpartijen. Over het belang van een toekomstbestendige bekostiging maakte de LHV in het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) al afspraken met de overheid, zorgverzekeraars en andere zorgpartijen.

'Juist daarom is het onbegrijpelijk dat de NZa ook na deze rechterlijke uitspraak vasthoudt aan hun eerdere lijn,' zegt LHV-bestuurder Lammert Hoeve. 'Het gevolg is dat opnieuw kostbare tijd en energie moeten worden besteed aan juridische procedures, terwijl die juist nodig zijn om samen te werken aan een bekostigingssysteem dat de huisartsenzorg toekomstbestendig maakt.'

VBH: 'NZa is bezig met papieren exercitie'

De Bevlogen Huisartsen, die de zaak bij het CBb won, noemt het besluit een papieren exercitie en zet de procedure onverminderd voort. Op drie punten gaat de NZa volgens de vereniging helemaal niet in: de gevolgen van de wet DBA, waardoor een huisarts in dienstverband tien tot vijftien procent duurder is dan een zzp-waarnemer, de ANW-tarieven, die 24 procent achterblijven en de rekenmethode die volgens de vereniging de basiszorg uitholt.

Ook over de huisvestingsvergoeding is de vereniging kritisch. Per ingeschreven patiënt komt er drie euro per jaar bij via het basistarief, terwijl het volgens de berekeningen van De Bevlogen Huisartsen 4,82 euro had moeten zijn. Het verschil moet de huisarts zelf incasseren bij de regio-organisatie, de zorgverzekeraar en SNPG. De VBH stelde daarvoor een juridisch onderbouwde modelbrief op voor de achterban. De inzet voor de komende ronde: 855 miljoen euro voor de huisartsenzorg, plus de nog openstaande huisvestingsvergoeding over 2023 en 2024. (Zie: Het besluit is er, 30 juni 2026)

VPH: 'Ontoereikend voor toekomstbestendige huisartsenzorg'

Ook Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen (VPH) kwalificeert de herziene beslissing in een eerste duiding als ontoereikend om de huisartsenzorg toegankelijk en toekomstbestendig te houden. Volgens de vereniging legt de NZa de CBb-uitspraak beperkt uit. De enige echte wijziging betreft de huisvestingskosten, die wel gebonden is aan strikte voorwaarden. Bovendien blijft de NZa de huisvestingskosten normatief berekenen, in plaats van uit te gaan van werkelijke kosten en investeringsbehoefte. Voor 2023 en 2024 komt er helemaal geen compensatie: volgens de NZa boden de tarieven voor die jaren gemiddeld al voldoende dekking. (Zie: Eerste duiding VPH op de herziene NZa-beslissing, 30 juni 2026)

VPH plaatst ook een kanttekening bij de bedragen. De NZa spreekt van 60 tot 70 miljoen euro per jaar, een verhoging die volgens VPH neerkomt op slechts 1,1 procent van het totale macrobudget voor de huisartsenzorg. Op de andere hoofdpunten ziet de vereniging vooral een nieuwe motivering van de bestaande lijn, ondanks de kritiek van het CBb op de functiewaardering, de onderbelichte poortwachtersrol en de 36-urige werkweek als afkappunt. Ook VPH procedeert daarom door en zoekt daarbij de samenwerking met de andere huisartsenorganisaties.

NZa: 'We stellen ons toetsbaar op, leren en verbeteren'

De NZa laat in een reactie weten dat de zorgen van de huisartsenorganisaties zijn meegewogen. 'De tarieven zijn voor een belangrijk deel inkomensbepalend en raken de huisartsen dus direct,' erkent Johan Rijneveld, directeur Regulering bij de NZa. 'Tegelijkertijd heeft de NZa de wettelijke taak om huisartsentarieven vast te stellen die recht doen aan de geleverde zorg én de zorg betaalbaar houden voor inwoners.'

Bestuursvoorzitter Geranne Engwirda benadrukt dat de NZa de signalen en zorgen van huisartsenorganisaties heeft meegenomen bij de herbeoordeling. 'We stellen ons toetsbaar op en blijven leren en verbeteren, bijvoorbeeld door transparant te zijn over de methodieken die we gebruiken. Tegelijkertijd is het onvermijdelijk dat het vaststellen van maximumtarieven een spanningsveld oplevert.'


Lees ook:

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.

Meer artikelen met dit thema

Dirk Jan Emmens over de missie van Infomedics: ‘Alle declaraties in één keer goed verwerken’
flash_onNieuws

Dirk Jan Emmens over de missie van Infomedics: ‘Alle declaraties in één keer goed verwerken’

timer5 min
Factoringbedrijf Infomedics groeide de afgelopen tien jaar razendsnel, onder meer door fusies en overnames, zoals…
Lees verder »

PharmaPartners focust sinds dag één op elektronische gegevensuitwisseling

timer2 min
‘Goede en tijdige informatie-uitwisseling met de patiënt en tussen zorgaanbieders onderling is nodig voor goede…
Lees verder »

Een second opinion over uw facilitaire kosten

timer4 min
Steeds meer praktijken ervaren door de toenemende regeldruk problemen bij het beheren van de facilitaire zaken…
Lees verder »
Alexander Tolmeijer: ‘Ketens vormen voor meeste praktijken geen bedreiging’
flash_onNieuws

Alexander Tolmeijer: ‘Ketens vormen voor meeste praktijken geen bedreiging’

timer2 min
Alexander Tolmeijer is tandarts en directeur van adviesbureau Dentiva. Hij gaf tijdens Mondzorgpraktijk Anno Nu (…
Lees verder »
Zorg groeit sterk in 2020
flash_onNieuws

Zorg groeit sterk in 2020

timer2 min
De zorg groeit in 2020 naar verwachting met 2,5 procent. Dit is harder dan de gehele economie, die 1,5 procent…
Lees verder »
M2 tandartsen eerste met kwaliteitscertificatie HKZ Mondzorg
flash_onNieuws

M2 tandartsen eerste met kwaliteitscertificatie HKZ Mondzorg

timer2 min
M2 tandartsen in Voorburg en Oegstgeest heeft donderdag 19 december als eerste mondzorgpraktijk in Nederland het…
Lees verder »
Mondzorgpraktijk Anno Nu: ‘Gastvrijheid zorgt voor meer werkplezier en minder regeldruk’
flash_onNieuws

Mondzorgpraktijk Anno Nu: ‘Gastvrijheid zorgt voor meer werkplezier en minder regeldruk’

timer3 min
Voor de zesde editie van Mondzorgpraktijk Anno Nu op zaterdag 14 december kwamen ruim 160 deelnemers, sprekers en…
Lees verder »
Martin Rozeboom: AVG, hoe nu verder?
flash_onNieuws

Martin Rozeboom: AVG, hoe nu verder?

timer2 min
Martin Rozeboom is adviseur ICT in de Mondzorg en functionaris Gegevensbescherming van de KNMT. Hij gaat in zijn…
Lees verder »