menu
Medisch Ondernemen
lid worden inloggen
23 oktober 2019

Ronde Tafel Tandartsen: 'Ondernemende tandarts moet ketens voor blijven'

Bij de Ronde Tafel Tandartsen op 8 oktober in het hoofdkantoor van ABN Amro draaide het om de tandarts als ondernemer, het groeiende tandartsentekort en de praktijk van de toekomst. Jonge en oude tandartsen gingen op zoek naar de tandheelkunde van de toekomst. ‘De tandarts krijgt een plaats in het integrale gezondheidscentrum van de toekomst.’ Deel 2 van een tweeluik.
Ronde Tafel Tandartsen: 'Ondernemende tandarts moet ketens voor blijven'

De basis voor de Ronde Tafel Tandartsen vormt de hackathon die ABN Amro organiseerde met 20 jonge tandartsen. Deze jonge ‘high potentials’ ontwikkelden hierbij een visie op de drie hoofdthema’s van de avond, vertelt sectorspecialist Nancy Jonkman-Koenis.

 

Deze thema’s zijn: ondernemerschap bevorderen, het tandartsentekort in de krimpregio’s en de praktijk van de toekomst in 2030. Op de ronde tafel zijn zo’n 80 tandartsen afgekomen. De tafel bestaat uit een gemengd gezelschap van jonge en oudere tandartsen, vertegenwoordigers van het ministerie van VWS, de NZa en zorgverzekeraar VGZ.  Lees het eerste deel hier: Ronde Tafel Tandartsen: Verdwijnt de tandarts als ondernemer?


Stelling 4. Financiële stimulans voor bewoners in een kansregio.

Thijs Vietje  (NZa) vraagt zich af hoe een grote keten als Dental Clinics de vestiging in krimpregio’s ziet, vanuit zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Otto Cazemier (Dental Clinics) reageert dat hij in krimpregio’s meer risico’s ziet. ‘Daar zijn we voorzichtiger. Daar kom je misschien moeilijker aan behandelaren.’

 

Henk Donker vraagt zich af wat een krimpregio is. Zelf heeft hij een praktijk in de Achterhoek, dat doorgaans als krimpregio wordt aangeduid, maar hij ziet tegelijk een grote instroom van oudere westerlingen, die op zoek zijn naar rust. ‘Ook mensen die zich elders vestigen blijven vaak in hun oude woonplaats bij mij als patiënt.’ Ook Peter Koelewijn ziet geen belemmeringen voor ondernemerschap in de meer afgelegen gebieden. ‘Drie van de vier medewerkers die voor zichzelf begonnen, deden dat in deze gebieden. Overal waar schaarste is, zijn geweldige kansen. Als ondernemer kun je maar beter zorgen dat je de ketens voor blijft.’


Stelling 5. ‘De tandarts gaat verdwijnen’

Roy Koster, kosmetisch tandarts, laat zijn licht schijnen over de praktijk van de toekomst en de gevolgen van de huidige digitale revolutie. Hij schetst een beeld waarin door voortgaande digitalisering en robotisering steeds meer banen verdwijnen, ook in de tandheelkunde. Praktijken worden steeds flexibeler.  ‘Mensen worden steeds bewuster van gezondheid, voeding, bewegen.’


Door robotisering en digitalisering komt steeds meer laagdrempelige diagnostiek beschikbaar. Door bijvoorbeeld de smartwatch beschikken patiënten ook over steeds meer data over hun gezondheid. Patiënten gaan steeds meer geautomatiseerd hun tanden poetsen, tandartsen maken meer gebruik van robots en het consult op afstand wordt steeds gangbaarder. ‘Er komen steeds meer operatierobots die beter kunnen behandelen. De tandarts krijgt steeds meer een rol van consultant op afstand. De patiënt krijgt meer keuze om voor innovaties te kiezen.’

 

'De tandarts-hub'

Jan Willem Vaartjes (ANT) gelooft wel in de toekomstschets, maar niet in 2030 maar eerder rond 2080. ‘Slimme scans maken betere diagnostiek mogelijk. Je krijgt een soort hub, een centrum waar de  tandarts-specialisten zitten. Daarnaast krijg je lokale preventieloketten die ook scans kunnen maken en doorsturen naar de tandarts.’ Maaike Wijnhoud (VWS) maakt de vergelijking met reisbureaus, waarvan twintig jaar geleden ook gedacht werd dat ze zouden verdwijnen. ‘Die bestaan in veranderde vorm nog steeds.’ Henk Donker (KNMT) verwacht dat de tandarts ondanks alle digitale ontwikkelingen toch de spil blijft in de mondzorg. ‘Er zullen minder praktijken zijn, die veel flexibeler op de vragen van patiënten inspelen, omdat ze langer en ook ’s avonds ook open zijn.’

 

'Ondernemen is durven'

Koster pleit ook voor het loslaten van de vaste tarieven, aangezien voor behandelingen met zeer wisselende kwaliteit dezelfde prijs wordt betaald. Volgens Donker (KNMT) willen veel patiënten dat de tandarts bepaalt welke behandeling nodig is. Jan Willem Vaartjes vertelt dat de ANT eerder pleitte voor uiteenlopende prijsstelling van kosmetische vullingen, maar dat de bezwaarprocedure hiervoor nog steeds loopt.

 

Thijs Vietje (NZa) vindt dat tandartsen alle ruimte hebben om te investeren in goede mondzorg. ‘Het is niet wijs om niet te investeren.’ Leontien Schalk (VGZ) stelt dat dezelfde zorg vaak ook geboden kan worden tegen lagere inkoopkosten. ‘Als je met iets heel nieuws bezig bent, kun je ook met onze afdeling innovatie contact opnemen. Wie daarover meer wil weten kan contact opnemen met die afdeling.’ Peter Koelewijn vertelt dat hij bij investeringen in innovaties kijkt wat het qua efficiency oplevert voor de patiënt en wat hij ervan leert. ‘Het kan best zijn dat het rendement eerst tien procent minder is, maar als je werkplezier toeneemt is het vaak de moeite waard. Het gaat vooral om durven, je krijgt er veel voor terug.’

 

'NZa stelt telkens tarieven bij'

In het publiek reageert iemand dat de digitalisering razendsnel gaat. ‘Overal is wel een app voor, bij de huisarts kan dat. Maar bij de tandarts is het aantal praktijken waar je online een afspraak kunt maken, nog altijd in de minderheid.’ Jan Willem Vaartjes (ANT) zegt dat zijn praktijk patiënten al in 1998 de mogelijkheid bood om online een afspraak te maken. ‘Ik investeer om patiënten meer kwaliteit te bieden, efficiënter te werken of nieuwe patiënten te trekken. Maar als de tarieven na herijking door NZa weer kunnen worden bijgesteld, betekent dat voor mij dat ik voorzichtig ben met investeren.’

 

Ook de jonge tandarts Rinke Blok ervaart dat de invloed van de NZa heel groot is. ‘Ik ervaar dat ook wel degelijk. Als de NZa de tarieven met vijf procent verlaagt, kan het betekenen dat je omzet met wel 20 procent omlaag gaat.’ Thijs Vietje (NZa) noemt dit een ‘volledig legitieme vraag’. ‘We kijken bij de vrije beroepen welke tarieven nodig zijn om een gemiddeld inkomen te halen. Als dat te veel omhoog gaat passen we de tarieven weer aan. Dat systeem heeft inderdaad effecten. Als de efficiëntie omhoog gaat is dat gunstig voor je omzet, maar na een tijdje wordt je weer terug gezet op het inkomen dat wij als overheid vinden dat je mag verdienen.’

 

Stelling 6. In 2030 kunnen patiënten veel makkelijker een behandeling online bestellen.

Roy Koster, kosmetisch tandarts, legt uit dat dit een gevolg kan zijn van doorgaande robotisering, waarbij nieuwe technieken breder beschikbaar komen. Leontien Schalk (VGZ) denkt dat patiënten niet zo snel naar een andere tandarts zullen gaan, omdat ze hun eigen tandarts twee maal per jaar zien bij de controle. Henk Donker (KNMT) zegt dat veel patiënten al veertig jaar in zijn praktijk zijn. ‘Gewoon omdat er een relatie is tussen behandelaar en patiënt.’

 

'Poortwachters van de mondzorg' 

Meer aanwezigen verwachten dat de tandartsen hun rol als een van de poortwachters op het gebied van mondzorg zullen behouden. Koster denkt dat verwijzing naar de beste behandeling een gevolg kan zijn van de laagdrempelige diagnostiek via bijvoorbeeld de iWatch van Apple. Maaike Wijnhoud (VWS) verwacht evengoed dat de consument ook in 2030 nog altijd behoefte heeft aan vertrouwde zorgverleners. ‘Mensen verdrinken in keuzes en zullen met hun vragen nogal altijd behoefte hebben aan consulenten op het gebied van gezondheid. Nieuwe apps kunnen helpen bij dagelijkse preventie, maar leiden niet automatisch tot betere diagnostiek.’

 

Wrap up:  ‘Er ligt genoeg om uit te werken'

Arjan Wijnands geeft op het einde van de avond een ‘wrap up’ en geeft een overzicht van discussies die de revue passeerden. Uitspraken als ‘Vechten tegen trends is niet zinvol’, ‘Krimpregio’s zijn kansregio’s’, ‘Ook jongere tandartsen en vrouwen willen wel ondernemen’. Hij concludeert dat de avond stof genoeg biedt over onderwerpen als prijsstelling, stimuleren van ondernemerschap, bekostiging van preventie. Wijnands spreekt de hoop uit dat de ideeën opgepikt worden door de NZa, het ministerie van VWS én zorgverzekeraars. ‘Er ligt genoeg om uit te werken.’

 

Dit is de tweede deel van het verslag over de Ronde Tafel Tandartsen. Het eerste deel verscheen 14 oktober: Ronde Tafel Tandartsen: Verdwijnt de tandarts als ondernemer?  Interesse in andere Ronde Tafels? Later dit jaar volgen de Ronde Tafel Fysiotherapie op 7 november en de Ronde Tafel Apotheken op 14 november.   Meer informatie over de Ronde Tafels.


Geplaatst door: Martin Zuithof Martin Zuithof
Hoofdredacteur
Betrokken partijen: ABN - AMRO Desk Medische Beroepen
Gerelateerde artikelen
Meest gelezen
Open modal