Kleinbedrijf Index Fysiotherapie: ‘Te hoge werkdruk en geen geld voor innovatie’

timer 5 min
Fysiotherapeut in actie - Foto Shutterstock

‘Praktijken hebben zich te afhankelijk gemaakt van zorgverzekeraars’, stellen onderzoekers Rutger IJntema en Lex van Teeffelen. (Foto: Shutterstock)

De Kleinbedrijf Index Fysiotherapie (KBIF) vergelijkt praktijkeigenaren, bij wie meerdere fysiotherapeuten actief zijn, met andere kleine ondernemers met personeel. Een flink deel van de praktijkeigenaren in de steekproef is ouder dan ondernemers in andere sectoren van het midden- en kleinbedrijf. Liefst 40% van de fysiopraktijkhouders is tussen de 65 en 70 jaar, tegenover 21% in het mkb. Ook heeft 40% van de praktijkhouders burn-outklachten.

In eerste instantie lijkt het veel beter te gaan met fysiotherapiepraktijken dan met ondernemers in het mkb. Omzetten en ondernemerslonen liggen aanmerkelijk hoger. Daarbij keert twee derde van de fysiotherapieondernemers zichzelf een bovenmodaal ondernemersloon uit (meer dan 3350 euro). In het mkb is dit een derde van de ondernemers. De solvabiliteit ligt op een beter niveau. Dat is niet heel verrassend, want het opleidingsniveau van fysiotherapeuten is flink hoger dan van de andere mkb-sectoren.

‘87% omzet uit contracten zorgverzekeraars’

De ondernemerslonen van beide groepen zijn nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van pré-corona (2019), waarbij de omzetten van de fysiotherapie herstel laten zien. Het mkb groeit echter aanzienlijk sneller. De overgrote meerderheid van de praktijken kunnen hun rekeningen op tijd betalen en de verwachting is dat dit zo blijft. Toch zit er een schaduwzijde aan de mooie omzetten en ondernemerslonen, aldus de onderzoekers van de KBIF. De omzet van fysiotherapeuten (87%) komt hoofdzakelijk voort uit contracten met zorgverzekeraars. 39% voldoet daarbij aan de hoogste eisen van een zorgverzekeraar. ‘De sector heeft zich hiermee veel te afhankelijk gemaakt van vergoedingen van verzekeraars’, stellen de onderzoekers. De helft van de fysiosector kent een nettomarge lager of gelijk aan 10% voor ondernemersloon, vergelijkbaar met andere mkb-sectoren. Meer dan de helft heeft een te lage solvabiliteit.

‘Helft van de praktijken heeft geen innovatiemiddelen’

De sector lijkt daarmee op een kantelpunt te zijn aanbeland. Grofweg de helft van de praktijken – waarin meerdere fysiotherapeuten actief zijn – kan niet vanuit eigen financiële middelen vernieuwen. De marges en het eigen vermogen zijn daarvoor te laag. Hoewel de fysiotherapie er gemiddeld beter lijkt voor te staan, investeren eigenaren in de steekproef significant minder in hun bedrijfsvoering dan andere mkb-sectoren. Meer dan de helft van de fysiotherapiepraktijken investeert minder dan 5% in innovatie. De verwachting dat praktijkhouders de komende tijd meer gaan investeren is laag, net als in het mkb. Een ondernemende houding om aanvullende en nieuwe diensten te ontwikkelen – buiten het verzekeringssysteem om – lijkt bij veel praktijkeigenaren te ontbreken.

‘40 procent fysiopraktijkhouders meldt burn-outklachten’

De werkdruk is bij deelnemers aan de steekproef ‘buitensporig hoog’. De onderzoekers verklaren dit vanuit verstorende factoren zoals hoge energierekeningen, het hoge ziekteverzuim en personeelstekorten. Ook verwachten praktijkeigenaren een afname van de werkgelegenheid, wat niet het geval is in andere mkb-sectoren. Dat alles leidt tot veel hogere stressscores (65 op 100) dan in het mkb (51 op 100). Liefst 40% van de sector geeft een score aan die geassocieerd wordt met een burn-out (hoger dan 76), tegen 21% bij mkb-sectoren. De hoge stressscores kunnen er tevens op duiden dat men een steeds meer verrichtingen moet behalen om de marges en het ondernemersloon op een vergelijkbaar peil te houden.

‘Geen uitspraak over de representativiteit’

De vragenlijst is in maart en april 2023 ingevuld door praktijkeigenaren. Het panel van de fysiotherapie bestaat uit 10.000 praktijken. 392 fysiotherapiepraktijken hebben gereageerd, maar dat leverde slechts 141 compleet ingevulde vragenlijsten op. Op 10 praktijken na, waren dit allen praktijken met meerdere fysiotherapeuten. Alle praktijken en ondernemers die niet voldoen aan het urencriterium van de Belasting­dienst (1225 uur) telden niet mee in de index. ‘Wij konden geen betrouwbare en consistente gegevens vinden over de populatie van praktijkeigenaren in de fysiotherapie. Daarmee kunnen wij geen uitspraak doen over de representativiteit van de onderzochte fysiotherapiepraktijken.’ Hoewel de onderzoekers constateren dat hun conclusies ‘indicatief’ zijn. geven ze een aantal kenmerken van de deelnemers aan de KBIF en doen ze aanbevelingen.

Kenmerken van de deelnemers

  • 33% van de fysio-ondernemers zijn vrouw, tegenover 24% in mkb.
  • Minder dan 10 personeelsleden geldt voor 71% van de fysiopraktijken, tegenover 84% in andere mkb-sectoren. In de analyse zijn geen bedrijven zonder personeel meegenomen.
  • In de fysiotherapie verschilt de rechtsvorm niet van die van andere mkb-sectoren. Ongeveer een derde is BV, een derde maatschap/vof en een derde eenmanszaak. 7% van de fysiotherapie en 28% van de andere mkb bedrijven staat te boek als een familiebedrijf.
  • Professionals in de fysiotherapie zijn hoger opgeleid dan in het mkb. Van de fysiotherapeuten heeft 60% een bachelor en 39% een master. In het mkb heeft 25% een bachelor en 11% master.
  • Het deelnemerspanel van de fysiotherapie is ouder dan die van het mkb. Zowel voor de fysiotherapie als de andere mkb-ers bestaat het panel grotendeels uit deelnemers tussen de 41 en 55 jaar (44%). Het fysiotherapiepanel bestaat voor 16% uit de leeftijdscategorie van 25-40 jaar en voor 40% uit de groep van 65-70 jaar. Voor de andere ondernemers is dit 25% voor 25-40 jaar en 24% voor 65-70 jaar.

Aanbevelingen

  • De fysiotherapiesector zal meer ruimte moeten gaan maken voor innovatie en niet-verzekerde diensten. Praktijken hebben zich te afhankelijk gemaakt van zorgverzekeraars. Dat leidt bij de helft van praktijken tot ongezonde nettomarges en solvabiliteit. Dat een aanzienlijk deel van de fysiotherapiepraktijk eigenaren aan overdracht van hun praktijk toe zijn, maakt deze uitdaging des te groter.
  • De andere helft van de praktijken met een nettomarge boven de 10% en sterke solvabiliteit hebben meer financiële slagkracht om te innoveren. Investeren in nieuwe (digitale) diensten of samenwerking zal op de korte termijn wel ten koste gaan van de hoogte van de ondernemersbeloning of de solvabiliteit. De kost gaat immers voor de baat uit.
  • Het aantrekken en vooral vasthouden of delen van personeel kan de druk op de fysiotherapiesector verlagen. Veel praktijken hebben hetzelfde personeelsprobleem. Een gezamenlijke (regionale of nationale) aanpak lijkt raadzaam, waarbij het aantrekkelijk houden van het vak - inclusief beloning - de uitstroom zou kunnen beperken.
  • Bij 40% van de fysiotherapiepraktijkeigenaren is de werkstress zodanig hoog dat zij mogelijk aan ernstige burn-out klachten lijden, zoals constante vermoeidheid en slaapproblemen. Bij de grote groep eigenaren met een leeftijd tussen de 65 – 70 jaar, kan naast het hoge ziekteverzuim en personeelsgebrek sprake zijn van extra spanningen rond bedrijfsopvolging. Nader onderzoek naar de bronnen van de hoge stress is raadzaam.

De Kleinbedrijf Index Fysiotherapie is een initiatief van Hogeschool Utrecht en de Stichting Keurmerk Fysiotherapie, samen met brancheorganisatie KGNF, Werkgevers Vereniging Fysiotherapie en Innovatie Platform Fysiotherapie. Rutger IJntema en Lex van Teeffelen voerden het onderzoek uit.

Links:

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.

Meer artikelen met dit thema

Poeya Mohtadili: 'Kunstmatige intelligentie in de tandartsstoel: hulp of houvast?' (Foto: Claudia Kamergorodski voor MO)
mic_external_onInterview

Tandarts Poeya Mohtadili: 'AI wordt onmisbaar in de praktijk, mits jij de baas bent over AI'

timer4 min

De tandartspraktijk ondergaat een stille revolutie, stelt tandarts-praktijkhouder Poeya Mohtadili. Waar…

Lees verder »
Jeroen Boogmans (Foto: FysioRecept)
mic_external_onInterview

Jeroen Boogmans en de prijs van minder doen: ‘Fysio’s moeten meer begeleiden en minder behandelen’

timer8 min

‘Als ik eerlijk ben, denk ik dat mensen vaak te snel naar de fysio gaan. Er wordt misschien wel te veel…

Lees verder »

5 praktische tips om tijd en geld te besparen met jouw administratie

timer4 min

De boekhouding is pas echt efficiënt als deze compleet is. Toch blijkt in de praktijk dat juist daar vaak het…

Lees verder »
De LHV erkent dat de aankondiging van een nieuwe cao met loonsverhogingen voor praktijkhouders kan voelen als een dubbele belasting. (Foto; Shutterstock)
flash_onNieuws

Huisartsen in loondienst krijgen er 8,25% bij, maar bekostiging blijft knelpunt

timer4 min

Huisartsen in loondienst krijgen er 8,25 procent structureel bij en ontvangen een eenmalige uitkering van 4,25…

Lees verder »
Tandartsen Lela Bidar en Alireza Fadaei: 'We zitten in een centrum met huisartsen, diëtisten en apothekers. Met hen willen we graag samenwerken aan passende zorg.' (Foto: Tandartspraktijk BIDENT)
mic_external_onInterview

Tandartspraktijk BIDENT: gedreven en innovatieve tandartsen in Assendelft

timer5 min

Lela Bidar en Alireza Fadaei openden in maart Tandartspraktijk BIDENT in Assendelft. Hun nulpraktijk is…

Lees verder »
Vrouwe Justitia Shutterstock
flash_onNieuws

Voorzieningenrechter: 'Geen acute noodsituatie in fysiotherapie door tarieven'

timer3 min

De voorzieningenrechter deed donderdag uitspraak in de kort gedingen die een groot aantal…

Lees verder »
flash_onNieuws

Huisartsenorganisaties kondigen nieuwe juridische stappen aan tegen NZa

timer5 min

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) houdt in haar definitieve tariefbesluit voor de huisartsenzorg vast aan de…

Lees verder »
Huisarts Isabel van Hövell-Ullmann: 'Een leuk samenwerkingsmoment kan je de energie geven waardoor je dwars door je agenda heen vliegt.' (Isabel-van-Hovell-Ullman.jpg)
mic_external_onInterview

Huisarts Isabel van Hövell-Ullmann over 'Samen Werkt': ‘Goede samenwerking vraagt perspectivische lenigheid’

timer6 min

Zorgverleners trekken zich steeds vaker terug op hun eigen eiland, signaleert huisarts Isabel van Hövell-…

Lees verder »